“Het allerleukst vind ik gewoon het contact met de gasten. Een camping is echt een klein dorpje.”
Andrea is op haar best achter de balie. Inchecken, vragen beantwoorden, een klacht oplossen of een wens van een gast regelen. Op een Hemelvaartweekend lopen er tot duizend mensen extra rond, en dan staat zij er middenin. Ook buiten de slagboom komt ze haar gasten tegen. In de supermarkt, tijdens het shoppen in Goes. Hoi hier, hoi daar.
Haar weg naar de camping liep via Antwerpen, waar ze na het vwo de hbo-opleiding hotelbeheer volgde. Daarna begon ze bij de Rabobank, maar dat bleef kort. Ze kreeg verkering met Emanuël, die als tiener al meewerkte op de camping van zijn ouders. In 2001 ging zijn moeder met pensioen en namen ze het samen over. Toen de pachters van het frietkot op het terrein stopten, bleek het naastgelegen feestzaalpand te koop te staan. Ze kochten het in 2015 en draaiden eerst een paar maanden mee met de verkopers om ervaring op te doen. Die winter bouwden ze er een brasserie bij en vernieuwden ze de keuken. Met Pasen 2016 gingen ze open in de nieuwe opzet. Andrea deed de horeca, Emanuël de camping.
“Twee drukke bedrijven naast elkaar runnen, dat had ik veel te gemakkelijk ingeschat. Met die twee samen was het echt watertrappelen en zorgen dat de week weer voorbij was.”
Eind 2024 vertrok de receptioniste die ruim twintig jaar het hele kantoor had gerund. Dat gaf de doorslag. Na bijna tien jaar stopten ze eind december 2024 met de horeca; pand en grond bleven van hen. Binnen twee weken vonden ze een lokale ondernemer die de exploitatie overnam. Andrea staat nu twee seizoenen weer fulltime op de camping.
Dat geeft lucht. Vroeger begon Emanuël 's ochtends vroeg en kwam Andrea pas na middernacht thuis. Nu is er 's avonds tijd om samen over het bedrijf te praten. Welke kant willen we op? Ze bouwen weer aan de camping, in plaats van alleen de ballen hoog te houden.